maandag 19 december 2011

26 mal Runde Zyflich

Ongeveer een jaar geleden bedacht ik me dat het leuk zou zijn vogels te gaan tellen rond Zyfflich. Hier zat ik enige tijd over na te denken. Ik wilde iets doen wat ik het hele jaar door zou kunnen volhouden. Dat zou betekenen dat inventariseren - dat eigenlijk alleen maar in het voorjaar kan gebeuren - af zou vallen. Maar wat zou ik dan kunnen doen? Al snel viel de keuze op simpelweg alles tellen, en dat volgens de beproefde PTT methode. Dus op vast plekken elke keer vijf minuten alles tellen. En zo stapte ik op 18 december 2010 op de fiets en fietste een rondje om Zyfflich. Ik koos 11 telpunten uit, waar ik elke keer vijf minuten alle vogels telde. Het liefst zou ik elke week gaan tellen, maar uit praktische overwegingen beperk ik het tot eens per twee weken.  Het 'rondje Zyfflich', zoals we het thuis zijn gaan noemen, was geboren.

Ik heb nu precies een jaar mijn rondjes om Zyfflich gefietst. In totaal nu 26 keer, 1 keer is het niet gelukt mijn telling te doen (in juni vanwege de vakantie naar Estland). Maar voor de rest van het afgelopen jaar telde ik eens in de twee weken.Ik probeer normal gesproken een uur na zonsopgang te beginnen met tellen, maar een enkele keer lukte dat niet, dan telde ik 's avonds. In totaal turfde ik 24.615 vogels bij elkaar, verdeeld over 96 soorten. Twaalf soorten zag ik tijdens maar 1 telling, en maar drie soorten zag ik elke telling (Koolmees, Zwarte Kraai en Vink). Kolganzen telde ik het meest (logisch voor hier): 8514 vogels. Met op de tweede en derde plek respectievelijk Stormmeeuw (3121) en Spreeuw (2094).

Natuurlijk kan je met al de getallen die ik nu bij elkaar geteld heb niet heel erg veel. Ik werk nu al vele jaren in de fundamentele wetenschap en weet wat je met getallen en tellingen kan doen. En, misschien nog veel belangrijker, wat je met getallen niet kan doen. Wat je met deze getallen aan statistiek kan doen? Nou, niet zo heel erg veel, je ziet grove patronen, niet veel meer. Het is duidelijk dat 1 keer per twee weken te weinig is een goed beeld te krijgen van de vogels om Zyfflich. Ik probeer het tellen zo te plannen dat ik tel met redelijk weer (niet te veel regen en wind). Maar dat lukt niet altijd en ik heb er een paar tellingen tussen zitten die gedaan zijn met erg slecht weer. En dat zie je direct aan de aantallen getelde vogels, bij een aantal soorten heeft het weer dan een onevenredige grote invloed. Maar, er zijn ook leuke patronen te herkennen. Soorten die (bijna) elke keer worden geteld geven toch een redelijk beeld van de fluctuaties per seizoen. Hierbij kan je denken aan Zwarte Kraai, Houtduif, Vink en Spreeuw.Ook zijn de plaatjes van bijvoorbeeld zomergasten als Boerenzwaluw, Tjiftjaf of Grasmus erg fraai. En het aantal soorten per telling geeft ook een leuk beeld van het aantal soorten dat je rond Zyfflich kan verwachten. Ik zal de komende tijd wat meer soorten uitwerken en op dit podium wat meer laten zien. Verwacht er niet te veel van, maar dat het unieke data is, dat is zeker! Hieronder een voorbeeld van het gemiddelde aantal soorten per maand voor 2011.


Maar waar het eigenlijk op neerkomt, het is gewoon leuk om te doen. Elke keer is het weer spannend wat je tegen gaat komen en elke keer is het weer leuk de spreadsheet in te vullen. En dan kleine grafiekjes maken, indexen berekenen en wat eenvoudige statistische toetsten te doen. Meer is het niet, en meer hoeft het ook niet te zijn of te worden.

En zondag 18 oktober 2011was ik op de kop af dus 1 jaar aan het tellen. En toen ik thuiskwam hingen er slingers op de oprit en bleek er een mooie tekening op de tuindeur geplakt te zijn. En, ook niet onbelangrijk, de sekt stond klaar. Ik tel maar vrolijk verder en ben nu al nieuwsgierig naar wat ik over een jaar aan festiviteiten mag beleven.



donderdag 8 december 2011

Sehr, sehr viel !

Sinds ongeveer half oktober - het tijdstip dat het hier langzaam begint vol te stromen met ganzen - loopt hier een project om in het Nederlandse en het Duitse deel van de Duffel alle ganzen op dezelfde dag te tellen. Vreemd genoeg gebeurde dat tot nu toe nog niet. In de praktijk werden er vaak op verschillende dagen geteld en dit gaf geen goede en betrouwbaar idee van het aantal ganzen wat hier werkelijk aanwezig is. Als er bijvoorbeeld in Nederland gejaagd werd, dan zaten er in het Duitse deel van de Duffel veel meer ganzen dan normaal. En omgekeerd, als in de Duffel veel verstoring was, dan zaten een deel van de ganzen in Nederland. Daarom zijn SOVON en NABU dit project begonnen. Afgelopen dinsdag was weer een teldag en omdat er niemand beschikbaar was om te helpen met de telling in Duitsland heb ik dit op me genomen.


Samen met Nicole begon ik om ongeveer half 10 in het meest oostelijke deel van het telgebied. Een groot deel van de Duffel is erg onoverzichtelijk (veel heggen) en om alles te kunnen tellen is het dus noodzakelijk bijna alle weggetjes af te rijden. Op deze manier werk je dan heel gestaag het hele gebied door waarbij je zo tegen het einde van de middag gaat eindigen in de buurt van Zyfflich (dat ligt in het meest westelijke deel van de Duffel). Als we nog maar net zijn begonnen blijken er heel veel ganzen aanwezig te zijn, veel meer dan de telling van een week eerder. We komen grote tot zeer grote groepen tegen, wat te denken van een groep van bijna 10.000 Toendrarietganzen op een aantal akkers vlak langs de Rijn bij Emmerich. Alles goed te tellen kost veel tijd en het is zo tegen 14:00 uur als we aankomen bij Kranenburg. Hier zitten de weilanden weer tot de rand aan toe vol met ganzen, nu veel Kolganzen. We tellen de groepen systematisch per weiland en zo blijft de teller uiteindelijk staan op ongeveer 8.000 Kolganzen. Veel andere soorten zitten er hier niet tussen, een enkele Grauwe en Rietgans. Aan het einde van de middag (we hebben dan nog ongeveer anderhalf uur daglicht over) komen we aan in de omgeving van Zyfflich. Hier ook weer heel veel ganzen, in een straal van ongeveer 5 km om het dorp tellen we zo rond de 15.000 Kolganzen!


Het nadeel van ganzen tellen is dat je (door de tijdsdruk) niet echt de tijd hebt de groepen echt heel goed af te zoeken. Ik kan dan ook geen enkele Roodhals- en/of Kleine Rietgans vinden. Wel vinden we nog een vrouwtype Blauwe Kiek en de nodige Grote Zilvers. Maar daar blijft het dan ook bij, er zijn gewoon (in dat opzicht) te veel ganzen.


's Avonds tel ik alle getelde ganzen bij elkaar op en staat er in totaal 62.646 ganzen op het excel-werkblad... Een verbluffend aantal... Over ongeveer anderhalve week moet ik weer tellen. Ben wel heel nieuwsgierig of we dan nog hoger uikomen! Stay tuned!

Hier nog twee filmpjes die een goede indruk geven van een deel van de ganzen vlakbij Zyfflich:




donderdag 1 december 2011

Gänse und Mark

Terwijl er nog steeds bladeren aan de bomen hangen glijden we toch langzaam de winter in. Het is stil aan het worden en het is duidelijk, het 'zwemvliezen-seizoen' is aangebroken. Hier om Zyfflich is het dan allesbehalve stil, het geluid van heel erg veel (hoofdzakelijk) Kolganzen vult dan de lucht. Elke ochtend vliegen duizenden ganzen vanuit de slaapplaatsen in Nederland over ons huis de Duffel in. Regelmatig zitten ze tot vlak voor ons huis en het lukte me al vanuit de woonkamer bijzonderheden als Roodhalsgans en Kleine Rietgans te bespieden. Ook is het me al meerdere malen gelukt halsbanden vanuit de warme woonkamer af te lezen. Maar het allerleukste blijft toch nog steeds om vanaf de fiets de ganzen op te zoeken. Ver hoef je niet te gaan, een klein rondje om Zyfflich is genoeg om weilanden vol met ganzen te zien te krijgen. De komende tijd zal het hier dus regelmatig over ganzen gaan.

Het afgelopen weekend verbleef een goede vriend, Mark Zekhuis, hier. Hij bleef bij ons slapen na de SOVON-dag. 's Avonds hebben we veel bier gedronken en over ons onvoorstelbare mooie werk, politiek, vrouwen & relaties en natuurlijk vogels gesproken. Zondag was een dag om te vogelen. Na uitgeslapen te hebben en warme Duitse broodjes gingen we op pad. Natuurlijk was de hoofdmoot ganzen, ganzen en nog eens ganzen. Heel veel Kollen, een handvol Rieten en dat was het dan wel. Verder nog een Klapekster, een man Blauwe Kiek en in het Reichswald Kruisbekken (en helaas geen Taigaboomkruipers, het lukte de expert [Mark dus] niet er eentje te vinden).

Maar eigenlijk zijn die vogels maar bijzaak op zo'n dag. We zien elkaar niet zo heel erg vaak (eigenlijk veel te weinig) en het is heerlijk dan samen op stap te zijn. Eigenlijk is dat veel belangrijker dan vogels...