dinsdag 27 september 2011

Steppeweihe

Zoals ik in mijn vorige blog schreef, het is Harvey van Diek gelukt een aantal mooie foto's van de Kleyense Steppenkiek te maken. Als je de vogel zo ziet lijkt de determinatie een eitje...

Meer foto's gemaakt door Harvey kan je vinden op zijn - zeer fraaie - website: www.harveyvandiek.nl/



donderdag 22 september 2011

Verzweiflung

Maandagmiddag komt de melding van een Steppekiekendief in de Ooipolder. De zoveelste van dit najaar, het is alsof de koek niet op kan. Eerst heb ik plannen de vogel te gaan bekijken maar als blijkt dat deze niet meer gezien is kies ik toch voor een bezoek aan de Kleyen.

Met de wind en de zon in de rug fiets ik die kant op. Als ik op de plek aankom waar ik een heel groot deel van de Kleyen kan overzien kijk ik even snel met mijn verrekijker. Direct vliegt er een kleine kiek door mijn beeld, de vogel maakt een draai en ik zie een lichte stuitvlek: ringtail! Ik zie dan de rossige onderdelen en alles slaat bij mij op tilt. Dit moet een Steppekiek zijn, dat kan niet anders. Ik probeer zo snel als ik kan mijn spullen uit te pakken en mijn statief neer te zetten. Ik moet die vogel beter bekijken, voordat die uit beeld is. Terwijl ik alles neerzet en met mijn fiets klungel komt er een auto aan, ik sta midden op de weg. Zuchtend pak ik alles op en zet het aan de kant van de weg weer neer... ondertussen kan ik alleen maar aan die kiek denken.

Ik heb eindelijk mijn scoop opgezet en mijn fiets aan de kant gezet (voor mijn gevoel duurde dit uren, in werkelijkheid misschien 100 seconden) en ik scoop over de velden: niets... Vertwijfeling en wanhoop nemen toe... ik moet die vogel te zien krijgen, het moet!! Ik scoop en scoop en dan ineens zie ik de kiek. Deze vliegt recht op me af en dan maakt de vogel vlak voor me een draai. Snel probeer ik alle kenmerken te zien. Ik meen geen boa te zien en ook geen witte handpennen. ‘Is dit dan toch een Grauwe Kiek?’ denk ik. Ik pak mijn vogelgids erbij en kijk het nog eens na. Omdat ik toch echt meen dat de boa en de zwarte halsvlek niet aanwezig zijn en omdat ik voorzichtig wil zijn (niet direct het zeldzaamste wil claimen) concludeer ik dat het wel een Grauwe Kiek moet zijn. Ik wacht tot het helemaal donker is geworden maar de kiek laat zich niet meer zien.

’s Avonds zit ik toch nog de hele tijd met gemengde gevoelens thuis. Ik kijk verschillende boeken na en wandel over het internet. Ik kom dan nogmaals tot de conclusie dat het een Grauwe Kiek moet zijn geweest, hoewel het ergens diep in me toch blijft knagen.

De volgende dag heb ik overdag geen tijd naar de Kleyen te gaan. Tot aan het einde van de middag zit ik bij een symposium. Pas om vijf uur (voor mijn doen erg laat) kan ik met mijn carpoolmaat koers zetten naar huis. We zijn nog geen 10 minuten onderweg of de telefoon gaat: Daniel Doer van de NABU in Kranenburg (Naturschutzbund Deutchland) heeft een Steppekiekendief gezien in de Kleyen! Hij heeft het voordeel dat hij het gebied mag betreden (een deel heeft een beschermde status) en heeft daardoor de vogel een paar keer goed kunnen zien, zowel zittend als vliegend. Dit kan niet anders dan ‘mijn’ vogel zijn, dus het was geen Grauwe maar toch een Steppe!

Natuurlijk baal ik van mijn fout, ik had de vogel toch goed moeten determineren? Maar ik ben toch ook blij dat het een Steppekiek blijkt te zijn en dat Daniel de vogel heeft teruggevonden. Met deze tegenstrijdige gevoelens worstel ik terwijl we naar Duitsland rijden. Thuis aangekomen pak ik direct mijn spullen en fiets zo snel als ik kan naar de Kleyen. Ik kom aan op mijn vaste stekkie, zet mijn telescoop neer en scan de weilanden. En dan blijkt direct aan de overkant van het weiland waar ik vlak voor sta – helemaal niet ver weg – een Steppekiek op een paal te zitten. Onmiskenbaar, precies zoals ik ze ondertussen zo goed ken van de foto’s. Ik pak mijn camera en wil een digiplaatje maken, maar de vogel blijkt gevlogen. Terwijl ik de omgeving weer scan zie ik de vogel van me af vliegen. De vogel vliegt over een heg en is uit beeld. Kort daarna komt de vogel weer in beeld en vliegt een rondje om daarna weer over dezelfde heg te verdwijnen. We wachten tot het bijna donker is geworden maar zien de kiek niet meer.

Op woensdag heeft een PhD van onze werkgroep haar promotie en ben ik de hele dag onder de pannen. Geen tijd om naar buiten te gaan. Gelukkig gaan een aantal Nederlandse vogelaars op zoek naar de vogel en – tot mijn grote opluchting – lukt het Harvey van Diek een aantal mooie foto’s te maken. Op donderdag ga ik dan zelf nog zoeken (en een drietal Nederlanders) maar de kiek wordt niet meer gezien. Of dit nu dezelfde vogel is als die van Persingen is een goede vraag. Persingen is hemelsbreed ongeveer 7 km van de Kleyen en het zou dus best mogelijk kunnen zijn dat het hier om dezelfde vogel gaat. Hopelijk kunnen foto’s hier duidelijkheid scheppen.

Vanzelfsprekend baal ik ervan dat ik deze Steppekiek eerst verkeerd determineerde. ‘Dat had ik toch goed moeten doen’ denk ik dan steeds, ‘dit is toch wel een beetje dom’. Aan de andere kant is het goed dat ik mezelf niet gek heb laten maken en er niet klakkeloos een Steppe van heb gemaakt. Ik twijfelde oprecht en ben van het meest ‘normale’ uitgegaan: Grauwe Kiek. En ook ben ik heel erg blij dat Daniel de vogel goed gezien heeft en de vogel juist determineerde. Maar nog veel blijer ben ik met het feit dat er een Steppekiek in de Kleyen heeft gezeten. Die voorspelling is uitgekomen, nu mijn andere voorspellingen nog – moet ik ze alleen wel goed op naam brengen ;-)

maandag 19 september 2011

Schwarzstirnwürger

Het is zondagmiddag zo rond drie uur als ik mijn mail check. Tot mijn grote verbazing heb ik een berichtje dat een Kleine Klapekster is gezien op Salmorth (een soort schiereiland direct aan de Rijn, tegenover Spijk en Lobith). In het berichtje staat een link naar een site waarop vogelwaarnemingen uit de zeer wijde omgeving staan. Een zeer onoverzichtelijke en gebruiksonvriendelijke site. Althans voor mij als verwende Waarneming.nl en Bird-alerts gebruiker. Bij de waarneming staat een mooie foto van een overduidelijke Kleine Klapekster en de mededeling van de vogel om 7:50 uur is gezien. Dat is allemaal duidelijk, maar dan gaat het feest beginnen. Waar is deze vogel in hemelsnaam gezien?? De beschrijving van de plek is voor mij erg onduidelijk, en maakt me een beetje wanhopig. Hoe kom ik er nu achter waar deze vogel gezien is en zit de vogel er op dit moment nog? Ik google, ik bel met mensen die het ook niet weten en krijg dan via een Duitse vogelaar een summiere plekomschrijving. Een beetje gefrustreerd besluit ik maar naar Salmorth te rijden en daar te gaan zoeken.

Aangekomen op de plek waar de vogel misschien zou moeten zitten zakt de moed me diep in de schoenen. Dut is toch geen plek voor een Kleine Klap? Over een weggetje langs de dijk lopen gezinnetjes en laten mensen hun hond uit. Ik scoop de uiterwaarden af, maar zie niets bijzonders. Ik loop wat heen en weer en weet het even niet meer. Na een goed half uur besluit ik dat het genoeg is geweest. Maar dan, op het moment dat ik naar de auto terug loop, stopt er een auto met daarin een vogelaar. “De vogel zit er nog!” roept hij me toe en hij legt me uit waar ik de vogel kan vinden. Het blijkt dat ik ongeveer 3 kilometer verkeerd zit en nog een stuk het schiereiland moet oprijden. Dat rijden gaat op deze zondagmiddag in een iets hoger tempo dan normaal en al snel zie ik twee auto’s met daarbij twee vogelaars staan. Snel parkeer ik de auto en seconden later heb ik een mooie adulte Kleine Klapekster in beeld!

Een Nederlandse en twee Duitse vogelaars

De vogel zit op redelijke afstand, maar laat zich toch prima bekijken. Ik probeer een gesprek aan te knopen met de twee Duitse vogelaars maar dat lukt niet zo goed. Ze zijn erg zwijgzaam en zitten niet bepaald op hun praatstoelen. Na een tijdje geef ik het maar op en zo staan we met z’n allen heel stil te genieten van deze bijzonderheid. Het grappige is dat direct achter de vogel Nederlands grondgebied te zien is. Het is geweldig deze vogel te zien, maar toch zou ik er heel wat voor over hebben als hij anderhalve kilometer naar het noorden zou opschuiven, Nederland in dus.

Früh aufstehen

Waar zal ik beginnen? Het handigste is gewoon bij het begin, dus in chronologische volgorde.

Afgelopen vrijdag had ik een dag vrij en het werd, precies zoals ik gehoopt had, heel erg mooi weer. Ik was, zoals gewoonlijk, heel vroeg uit de veren en terwijl de mist langzaam optrok zat ik al op de fiets. Het was een geweldige ochtend en ik fietste met mijn allerbeste humeur vanaf Zyfflich naar Kranenburg en vanaf daar verder naar het oosten, dromend van de meest spectaculaire soorten. Regelmatig kwam ik Tapuiten tegen en ik stopte om de haverklap om de velden af te scopen.



Ergens ten oosten van Kranenburg zag ik in de verte een grotere vogel in het prikkeldraad hangen. Hoewel het ten strengste verboden is hier in Duitsland (of eigenlijk in de Duffelt) de weilanden te betreden ben ik er toch heengelopen. En daar trof ik een jonge Buizerd aan die in het draad hing. Het zag er allemaal triest uit, veel te triest voor zo’n mooie dag. Wat een ellende manier om aan je einde te komen. Een beetje ontdaan fietste ik verder en met een enorme ‘omweg’, die verder niet heel veel bijzonders opleverde behalve een paar doortrekkende Bruine Kieken en een man Gekraagde Roodstaart ergens midden in de weilanden, kwam ik uit in de Kleyen. Hier bleken nog steeds veel Buizerds aanwezig en zat ik een hele tijd te genieten van de rust en het heerlijke gevoel dat zo’n mooie ochtend kan opleveren.



Zaterdag was ik bijna de hele dag in de tuin aan het werk. Natuurlijk met een oog, het andere keek voordurend omhoog. Naast een overvliegende Bruine Kiek en een aantal Sperwers leverde dit omhoog staren niet veel op. Aan het einde van de avond natuurlijk nog naar de Kleyen gegaan. De eerste vogel die ik daar zie was een leuke: een jonge Rode Wouw. De vogel zat rustig op een paal, niet eens zo heel erg ver weg. Net op het moment dat ik een foto wilde gaan maken besloot een Buizerd een muis te vangen en besloot de wouw dat hij recht had op de muis. Een wilde achtervolging volgde, spectaculair maar ver weg. Te ver voor mooie randje-randje foto’s… Ik verloor de vogel even uit het oog maar zag ‘m later weer zitten op een paal, nu echter veel en veel verder weg. In de Kleyen miegelde het van de vogels, overal Buizerds en veel Kieviten. Ook liepen er een handvol Ooievaars, 12 Wulpen, en telde ik negen Grote Zilverreigers en zo rond de 10 Tapuiten. Met een bijzonder voldaan gevoel fietste ik net voor zonsondergang naar huis, met bijzonder hoge verwachtingen voor de zondag.



Op de zondagmorgen bleek de Rode Wouw niet meer aanwezig te zijn (misschien is het de vogel die op dit moment bij de Bruuk nabij Groesbeek zit). Ook waren er 10 Wulpen weggevlogen, er liepen er nu nog maar twee. Terwijl ik zo stond te genieten en te scopen vlogen de Kieviten op en bleken er drie Kemphanen tussen te vliegen. Voor hier een enorm leuke soort, die worden niet heel erg vaak gezien. De Kemphanen draaiden een rondje en vielen ver achterin het gebied weer in. De groep Grote Zilverreigers groeit met de dag, nu liepen er 12 vogels en net voor ik weg ging, vloog er nog een vogel vanuit het noorden het gebied in en werd nummer 13 van de groep. Buizerds blijven in grote getale aanwezig en er jaagden nu twee vrouwtjes Bruine Kieken. Hoewel ik nog steeds heel erg hoop op een Zwarte Ooievaar, Steppekiek of nog erger fietste ik ook nu weer met een zeer voldaan gevoel naar huis. De Kleyen blijft leuk en heel erg spannend!


donderdag 15 september 2011

Siebenundzwanzig

Nu het weer enige dagen mooi weer is en het niet zo veel regent zijn de boeren hier druk aan het maaien. Overal zie je tractoren in een onvoorstelbaar hoog tempo de weilanden maaien. Het gras ligt een dag te drogen en dan worden er al pakjes van gemaakt die ook al in no-time verdwenen zijn. Wat achter blijft zijn kale, lichtgroene vlaktes.

Niet veel aan te beleven zou je denken. Maar toch is er heel veel te beleven. Muizen, dat is het toverwoord. Die kale, lichtgroene vlaktes zitten vol met muizen. En op die muizen komen vogels op af, vogels die de muizen op willen eten. In de Kleyen kon ik daar vanavond wel heel erg van genieten. Op een paar gemaaide weilanden zaten in totaal 27 Buizerds, ongeveer 17 Blauwe Reigers, 6 Torenvalken, 5 Ooievaars en 7 Grote Zilverreigers. En dat alles zat gebroederlijk door elkaar en had maar 1 doel voor ogen: zoveel mogelijk muizen op te eten.


Ik heb er een hele tijd naar staan kijken en het was volop genieten. In de (nog) niet gemaaide weilanden er omheen zaten veel Tapuiten, Paapjes en Robotaps. Tevens zaten ook hier nog her en der Buizerds zodat ik, na een paar keer nauwkeurig tellen,  in totaal op 35 vogels uitkwam.  Ook komen er langzamerhand steeds meer Graspiepers, ik had al een mooie groep van ongeveer 45 vogels. En als mooie 'bonus' vloog er zo nu en dan een vrouw Bruine Kiek over het kale en lichtgroene veld. Ik zal morgen zeker nog eens gaan kijken, wie weet...



maandag 12 september 2011

111

Het is me weer gelukt, ik heb een nieuwe tuinsoort aan mijn lijst mogen toevoegen. Zondagmorgen kwam ik terug na een inspirerend rondje Zyfflich (daarover hieronder meer) en op het laatste stuk, vlak voor ik thuis ben, scan ik de weilanden. Tot mijn grote vreugde zaten hier een handvol Roodborsttapuiten, een paar Tapuiten en vijf Paapjes op het prikkeldraad en in de struiken. Robotap en Tapuit staan al op de tuinlijst, maar Paap zou nieuw zijn. Maar dan moet ik die natuurlijk wel vanuit de tuin zien. Als je weet dat je een nieuwe soort vanuit je tuin zou kunnen zien telt het natuurlijk niet. Supersnel pak ik al mijn spullen in waarna ik als een dolle naar huis fiets en op de oprit mijn telescoop neer zet. Al bij de eerste blik zie ik een Paap in het gras zitten. 'Hebbes' denk ik, 'nummer honderdenelf is binnen!'

Er blijven overigens veel Papen en Tapuiten aanwezig in de omgeving van Zyfflich. Of het nu steeds nieuwe vogels zijn of dat het steeds dezelfde vogels zijn is me niet duidelijk. Lijkt me lastig om achter te komen, hoewel ik nu op een klein graslandje al een paar dagen steeds een onvolwassen Tapuit tegen kom. Het is verleidelijk te denken dat dit steeds dezelfde vogel is.

Dan roofvogels. Afgelopen zondag had ik in de omgeving van Zyfflich in een uur tijd (van 10 - 11 uur) vier overvliegende Bruine Kiekendieven. De vogels vlogen niet al te hoog en vlogen strak door naar het zuid-westen. 's Middags, na de regen die van ongeveer 4 - 5 uur viel, kwam ik net buiten Zyfflich nog een vijfde vogel tegen (een vrouw) die zeiknat op een paal zichzelf zat schoon te poetsen. Het leuke is dat op dezelfde dag op de telpost 'Maldens Vlak' (op hemelsbreed 8 kilometer in zuidwestelijke richting) 19 Bruine Kieken werden gezien. Blijkbaar heb ik een aantal van deze vogels ook gezien. Op de telpost 'Eltenberg' (hemelsbreed bijna 14 kilometer in noord-oostelijke richting) hebben ze zondag 'maar' 5 Bruine Kieken gezien.

Nu vraag ik me al een tijdje af welke route de roofvogels volgen die vanaf de Eltenberg naar het Maldense Vlak vliegen. Doen ze dat überhaupt wel? Eigenlijk zie ik over Zyfflich relatief gezien weinig roofvogels, voor mijn gevoel zouden dat er meer moeten zijn. Ik heb wel veel Sperwers overvliegend (op een goede dag had ik vorig jaar wel eens 15 vogels per dag), ik heb de indruk dat die de bebouwing in westelijke richting volgen. Maar grote aantallen Buizerds en Wespendieven, dat niet.

Zyfflich is een langgerekt dorp dat in een west-oostelijke richting op een oude rivierduin ligt. Misschien volgen roofvogels deze west-oost lijn en vliegen ze niet over het dorp (hoewel het dorp nog geen 500 m breed is). Of volgen ze een oostelijke of juist iets meer westelijk route? Of zitten ze zo enorm hoog dat ik ze gewoon niet zie, zelfs niet nu ik een bril draag? Een van de kiekendieven van zondagmorgen vloog keurig langs de noordkant van het dorp en ging niet over het dorp heen. Voor een laagvliegende vogel misschien logisch, maar voor een wat hoger vliegende vogel toch niet?

Ik heb eens ergens gelezen dat er vanaf Millingen aan de Rijn een trekbaan loopt richting de Duivelsberg. Maar als dat zo is dan zou een deel van de vogels toch echt over Zyfflich moeten vliegen. Ik loop nu met vage plannen rond eens westelijk en oostelijk van Zyfflich te gaan posten, misschien schept dat duidelijkheid. En - zoals gewoonlijk - voor tips en ideeën hou ik me zeer aanbevolen!!


Ligging twee genoemde telposten en Zyfflich


dinsdag 6 september 2011

Beobachtungen

Bij gebrek aan echte aansprekende 'avonturen' maar even een overzicht van de leukere waarnemingen van de afgelopen week.

Eerst even de rupsen van de Koninginnenpage. Die zijn nog steeds in de tuin aanwezig en eten hun buikjes voller en voller. Het zal niet lang meer duren voordat ze zich gaan verpoppen. Ook een leuke vlinder was het Landkaartje, die zat het afgelopen weekend ineens in onze tuin. Vorig jaar al eens een paar keer gezien maar dit jaar ontbrak deze soort nog steeds.

Goed, dan nu de vogels. Om te beginnen Paapjes en Tapuiten. Ik heb de indruk dat die de laatste dagen overal zitten. Zet je scoop op een willekeurige plek neer en zoek systematisch alle paaltjes, struikjes en heggen af en je ziet er altijd wel een paar. Ik probeer tijdens mijn vaste rondje Zyfflich dit steeds te doen. Het lijkt me leuk om straks een overzicht te hebben van het aantal vogels die ik steeds gezien heb. Naast al de Papen en Tapuiten kwam ik nog een groep van zes Grote Zilverreigers tegen die op een vers gemaaid weiland druk aan het muizen jagen waren. Een mooie groep voor hier, de grootste die ik tot nu toe in dit gebied gezien heb. Wat losse waarnemingen zijn onder andere een paar doortrekkende Bruine Kieken, een late Gierzwaluw, een fraaie IJsvogel en ik zag ook mijn eerste Grote Gele Kwik ooit (in de omgeving van Zyfflich bedoel ik). Daarnaast zag en hoorde ik regelmatig overvliegende Gele Kwikken en Boompiepers. Normaal kom ik die hier bijna nooit tegen.

Tot slot nog even de jonge Grauwe Klauwier. Voor het laatst heb ik deze vogel gezien op de 30e augustus. Uiteindelijk heeft de vogel bijna 14 dagen in hetzelfde stuk heg gezeten.