donderdag 7 maart 2013

Gänse in Ungarn

Het is donderdagochtend net na zes uur. Ik sta samen met Fred Cottaar en collega Bart Nolet bij onze stoere 4wd. Het is heel langzaam licht aan het worden als ik uit de verte een doffe dreun hoor. Ik kijk Fred en Bart aan, ‘het zal toch niet waar zijn?’ denk ik. Snel pak ik jutten zakken en begin te rennen.
Ik ren het modderige pad door het bos af en kom uit op een grote kale vlakte. In de verte, aan de oever van het meer,  zie ik Gerard Muskens en Gabor staan. Ik ren verder en kom dan bij de oever aan. Hier ligt het net en onder dat net liggen ganzen, een stuk of 25 tel ik in de gauwigheid. We feliciteren elkaar en beginnen de ganzen onder het net vandaan te halen. Ik pak snel mijn camera en maak wat foto’s. Volgens de display is het nu 6:23 uur, we hebben ganzen en de hele dag de tijd ze te verwerken. Ik zucht eens diep en kijk naar de hemel. Als ik even later de zon zie opkomen weet ik dat het een mooie dag gaat worden.  

ingraven van de netten

opruimen netten terwijl de zon opkomt

onze auto en het modderige pad naar de vangplek

Ik ben weer voor mijn werk in Hongarije en dit keer is het raak. We hebben ganzen! We zijn op zondag aangekomen en hebben de afgelopen dagen geschikte vangplekken bezocht. Aan de rand van dit meer, midden in het nationale park, hebben we onze twee netten ingegraven. Op een wel zeer mooie plek, een ondiep meer met daar omheen fraaie bossen en grote rietvelden. Buidelmezen roepen steeds en een fraaie Sakervalk vloog – bij het ingraven van de netten – over. Via een kilometers lang, heel erg modderig pad, kom je op deze heerlijke plek, het voelt zo bijzonder hier te mogen werken!

Nadat de ganzen in de jutten zakken zitten ruimen we eerst het net en de kannonen en mortieren op. We leggen alles bij elkaar en maken alles een beetje schoon. Als we dat nu niet doen, kost het ons later veel meer werk. Daarna gaan de ganzen in kleine tentjes en bereiden we het verwerken van de 31 Kolganzen (zoveel hebben we er gevangen) voor. We ringen, meten en wegen de vogels. We bepalen de sexe en nemen swabs  van cloaca en keel, dit om te kijken of de vogels geïnfecteerd zijn geweest met griepvirussen.
Het verwerken van de vogels gaat soepel. We hebben dit al vele malen eerder gedaan, en het is min of meer routine. Wat geen routine is zijn al die – meer en minder – voorname Hongaren die komen kijken. Iedereen die een beetje belangrijk is (of zich dat voelt) komt kijken. Het is best bijzonder wat we doen, dit is nog maar de tweede keer ooit dat hier in Hongarije ganzen worden gevangen. 

Kolgans met satellietzender

Het belangrijkste bewaren we voor het laatst: de satelliet zenders. Vijf mannelijke Kollen krijgen er eentje. We willen graag weten wat de migratieroutes van deze vogels zijn. Vreemd genoeg is daar weinig tot niets van bekend. De vogels komen in november in Hongarije aan, blijven een week of vier en verdwijnen weer als het koud gaat worden. Waarheen? Dat weet eigenlijk niemand. Stel je voor, zo’n 40.000 Kolganzen en het is niet bekend waar die in de winter zitten. Niet in Nederland, dat is wel duidelijk. Maar waar dan wel? Daar willen we graag met deze zenders achter zien te komen. Ook is niet bekend welke route naar de broedgebieden de vogels gebruiken. Het idee is dat ze via Kazakhstan vliegen, maar of dat echt zo is? Hopelijk gaan de satellietzenders ons meer duidelijkheid geven. 

Als we ’s avonds in ons vaste restaurant aan de goulash zitten drinken we een groot glas bier. We proosten op het feit dat het gelukt is, We hebben Kollen gevangen, en dat in Hongarije!

Een paar van de Grote Trappen

Zaterdagmiddag hebben we een excursie onder leiding van een Hongaar. En, niet zomaar een excursie, we gaan het reservaat in waar Grote Trappen broeden. We rijden over kale wegen, langs eindeloze akkers en weilanden. Heel veel vogels zijn er niet, maar wat er zit is de moeite meer dan waard. We komen veel Ruigpootbuizerden en Blauwe Kieken tegen. Ook Grauwe Gorzen en Klapeksters zijn redelijk algemeen. In een verre kale boom zitten twee valken: Sakers! Deze vliegen op en laten zich fraai bekijken. We zien een verre Zeearend en dan vinden we ons eigenlijke doel: Grote Trappen. Eerst zien we een grote groep vliegen. De vogels strijken ergens ver weg neer en de ranger weet precies waar. Even later parkeren we de auto en sluipen door een klein bosje. En dan zien we de Trappen, in totaal tel ik er zo’n 125. Bijna allemaal mannen, er liggen een paar vrouwen apart van de grote groep in het korte gras. Af en toe baltsen de mannen, voor mij de eerste keer dat ik dit zie. Voldaan rijden we daarna terug naar het huis van de ranger, onze dank is groot en we geven hem Hollandse kaas en stroopwafels. Hij neemt ze met een grote lach in ontvangst.

Zondag aan het einde van de middag vliegen we weer naar huis en we gebruiken de ochtend om ganzen te zoeken. Die vinden we niet, maar we vinden wel twee fraaie onvolwassen Keizerarenden, een volwassen Zeearend en de nodige Ruigpootbuizerden en Klapeksters. 

Keizerarend (foto Gerard Muskens)
Kijken naar de Sakervalken

Mocht je de Hongaarse ganzen willen volgen, op Hongaarse Kolganzen kan dat. Natuurlijk mag je elke dag kijken, maar dat hoeft niet. Eens in de drie dagen komt er een update van de ARGOS satelliet, die dan automatisch op genoemde site komt te staan. Allemaal super spannend, wat gaan deze vogels doen??

Geen opmerkingen:

Een reactie posten